Aanmelden
 Wachtwoord vergeten?

ADHD´ers baat bij bewegen en korte instructie

Gepubliceerd door Barbara Arbesser op:
maandag, 25 mei 2009

´Zit eens stil, zo kun je je niet concentreren!´ krijgen veel kinderen met ADHD op school te horen. Recent onderzoek wijst uit dat het tegendeel waar is: Kinderen met ADHD zouden zich als ze aan het bewegen zijn juist beter kunnen concentreren. De onderzoeker heeft verder een belangrijke tip voor ouders en leerkrachten met betrekking tot instructie aan ADHD´ers: kort en stapsgewijs.

Onderzoeker Mark Rapport onderzocht 23 jongens tussen 8 en 12 jaar met ADHD. Kinderen met ADHD die met hun stoel mochten schuiven of wiebelen of met hun handen mochten bezig zijn konden taakjes beter oplossen datADHD´ers die dit niet mochten doen.

Bewegen zou het werkgeheugen van deze kinderen stimuleren. De beweging zou hetzelfde effect hebben als cafeïne op de concentratie van mensen zonder de aandachtstekortstoornis. Feitelijk is bewegen tijdens bijvoorbeeld het huiswerk maken dus juist positief. Ook in de klas zou veel mogen bewegen voor ADHD´ers een uitkomst zijn: in de praktijk moeilijk realiseerbaar omdat het afleidend kan werken voor klasgenoten.

In het onderzoek kwam ook naar voren dat kinderen met ADHD niet altijd zo actief zijn. Als ze bijvoorbeeld naar een spannende scène in een film kijken, zitten ze stil. De reden is dat ze hun werkgeheugen dan minder nodig hebben dan bij het oplossen van een taak.

Onderzoeker Rapport raadt verder ouders en leerkrachten aan het werkgeheugen van kinderen met ADHD niet teveel te belasten. Bij ADHD´ers is het belangrijk dat je de uitleg in verschillende kleine stukken opdeelt. Anders zijn ze op het einde van je uitleg vergeten, wat je aan het begin zei.

Veel leerkrachten geven voor de klacht complexe instructies die een serie van handeling behelsen, zoals “Neem je agenda en je handboek op pagina 23 en los oefening 5 op.” Ze doen dit snel na elkaar, maar dat is te veel voor deze kinderen.

Ook voor ouders van kinderen met ADHD is het verstandig om opdrachten in korte, hapklare ettapes op te delen. Dus geef bijvoorbeeld eerst de opdracht: ´Trek je jas uit´, dan ´breng je tas naar boven ´ en vervolgens pas ´kom aan tafel zitten´, in plaats van alles in een keer.